Schoolgids
Inhoudsopgave

Een woord vooraf 4

Hoofdstuk 1 Onze school 5
1.1 CBS de Welle 5
1.2 de coöperatie G3 6
1.2,1 Missie, visie, kernwaarden 6
1.2.2 Management- / directieteam 7
1.2.3 Bestuur 7
1.2.4 MR, GMR en BBGMR 8

Hoofdstuk 2 Waar staan we als school voor? 9

Hoofdstuk 3 Waar werken we voor? 10

Hoofdstuk 4 De kwaliteit van onze school 12
4.1 Schoolplan 12
4.2 Kwaliteitsbewaking 12
4.3 ICT als hulpmiddel 13
4.4 Output 13

Hoofdstuk 5 Wat leren de kinderen? 14
5.1 Methoden 14
5.2 Godsdienst 14
5.3 Lezen 14
5.4 Fries 14
5.5 Engels 14
5.6 Wereldoriëntatie 15
5.7 Maatschappelijke verhoudingen en staatsinrichting 15
5.8 Geestelijke stromingen 15
5.9 Actief Burgerschap 15
5.10 Creatieve vorming 16
5.11 Computers 16
5.12 Programma sociale en emotionele ontwikkeling 16
5.13 Pesten 17
5.14 Benutting onderwijstijd 17

Hoofdstuk 6 Ieder kind is er een 19
6.1 Zorg op maat 19
6.2 Zelfstandig werken 20
6.3 Leerlinggebonden financiering 22

Hoofdstuk 7 Wikken en wegen 24
7.1 Cito-leerlingvolgsysteem 24
7.2 Vervolgonderwijs 24
7.3 Toetskalender 2011-2012 25

Hoofdstuk 8 Niet bij kennis alleen… 26
8.1 Sport en spel 26
8.2 Zwemonderwijs 26
8.3 Kunst en cultuur 26
8.4 Excursies 26
8.5 Jaarevenementen 26


Hoofdstuk 9 School en thuis 27
9.1 Aanmelding en toelating 27
9.2 Informatieavond 27
9.3 Spreekavonden 27
9.4 Nieuwsbrieven 28
9.5 Schoolkrant 28
9.6 Rapport 28
9.7 Schoolcommissie 28
9.8 Medezeggenschapsraad 28
9.9 Hulpouders 29

Hoofdstuk 10 De school en de omgeving 30
10.1 Jeugdgezondheidszorg 30
10.2 Logopedie 30
10.3 Schoolmaatschappelijk werk 30
10.4 Centrum voor jeugd en gezin (CJG) 31
10.5 Hoofdluisbeleid 32

Hoofdstuk 11 Namen, adressen, telefoon 33

Hoofdstuk 12 Groepsverdeling 35
12.1 Indeling 35
12.2 Wijze van vervanging bij ziekte,
ADV of anderszins 35
12.3 De begeleiding van stagiaires 36
12.4 Nascholing van leerkrachten 36

Hoofdstuk 13 Belangrijke data en vrije dagen 37

Hoofdstuk 14 Kleuterhoekje 38
14.1 Het brengen en halen van de kleuters 38
14.2 Het meenemen van speelgoed 38
14.3 Kleurplaat 38
14.4 Trakteren 38
14.5 Zelfstandigheid 38
14.6 Fruit eten 38
14.7 Gymschoentjes 39
14.8 Ziekte 39
14.9 Toiletbezoek 39
14.10 Buitenspelen 39
14.11 Leeractiviteiten van de leerlingen 39

Hoofdstuk 15 Schoolregels 41
15.1 Verjaardag 41
15.2 Uitnodigingen / kaarten 41
15.3 Fietsen 41
15.4 Leerplicht en het verlenen van verlof 41
15.5 Lestijden 42
15.6 Ziek melden 42

Hoofdstuk 16 Opvang buiten de schooltijden 43
16.1 Buitenschoolse opvang 43
16.2 Tussenschoolse opvang 43


Hoofdstuk 17 Overige informatie 45
17.1 Gymnastiekrooster 45
17.2 Schoolbibliotheek 45
17.3 Huiswerk 45
17.4 Schoolfotograaf 46
17.5 Oud papier 46
17.6 Kleding 46
17.7 Materialen, oude boeken,
speelgoed,kleding e.d. 46
17.8 Administratie 47
17.9 Schoolverf/sterke lijm 47
17.10 Roken 47
17.11 Verzekeringen 47
17.12 Ouderbijdrage 48
17.13 Schorsing en verwijdering 48
17.14 Sponsoring 49
17.15 Klachtenregeling 49
17.16 Inspectie 50


Woord vooraf

Voor u ligt de nieuwe schoolgids voor het schooljaar 2011-2012. Met deze gids willen we de ouders, verzorgers en belangstellenden informeren over allerlei zaken betreffende CBS de Welle.
Scholen verschillen in manier van werken, in sfeer, identiteit en wat kinderen er leren. Scholen hebben verschillende kwaliteiten. Deze schoolgids geeft aan waar onze school voor staat, wat ons drijft en hoe wij een en ander proberen te realiseren. In onze schoolgids spreken we steeds over ouders. Met ouders bedoelen wij ouders, pleegouders of andere volwassenen aan wie de zorg voor een kind is toevertrouwd.
De medezeggenschapsraad (MR) heeft de inhoud van de gids doorgenomen. Zij stemt met de inhoud van deze gids in.

In de gids vindt u informatie over de toelating, het onderwijs en de specifieke ”leerlingenzorg” en ook algemene informatie over het team, de contacten met ouders / verzorgers, lestijden, huishoudelijke zaken etc.

De schoolgids wordt aan de nieuwe ouders uitgereikt bij inschrijving van hun kind en is tevens te vinden op onze website: www.de-welle.nl
Als er in de loop van het schooljaar informatie verandert, dan hoort u dat via de Nieuwsbrief.

We hopen dat u onze schoolgids met plezier leest. Als u tijdens of na het lezen vragen, opmerkingen of suggesties heeft, vertel ze ons. U bent altijd van harte welkom.

Namens de teamleden wens ik kinderen en ouders / verzorgers een heel leerzaam en plezierig schooljaar toe!

Bauke Waslander
Directeur

Hoofdstuk 1

Onze school

1.1 CBS de Welle
De school is opgericht in 1865 als Christelijk Lagere school. De school maakt sinds 1 januari 1996 deel uit van de Vereniging voor Protestants Christelijk Onderwijs in de gemeente Ferwerderadiel. Sinds 1 januari 2011 vormt PCBO Ferwerderadiel samen met VCBO Het Bildt en PCBO Leeuwarderadeel een coöperatie, genaamd G3.

In 1996 werd de naam van de school ”De Welle”.
In het woordenboek van Van Dale noemt men dit een bron, een plaats, waar water uit diepere grondlagen onder druk tot op terreinhoogte opstijgt, opwelt. Het woordenboek van de Friese Taal voegt hier nog een betekenis aan toe: een plaats van oorsprong en kennis.

Zoals uit een wel steeds water en kennis opborrelt, zo staat onze school dagelijks voor vorming en onderwijs vanuit Bijbels perspectief. In de Bijbel wordt een wel meerdere malen gebruikt als bron van kennis en geluk.
In de school proberen we de Christelijke identiteit gestalte te geven door het vertellen en beleven van verhalen uit de Bijbel en door de omgang met elkaar. Verhalen, gebeden en liederen krijgen dagelijks aandacht.

De Welle is een basisschool die openstaat voor iedereen die zich thuis voelt bij onze manier van leven en werken. We willen ruimte bieden aan ieder individu en er is respect voor ieders inbreng. Dit komt tot uiting in de omgang met elkaar, de keuze van leermiddelen en in de sfeer die er heerst op school.

Na ruim 50 jaar hebben we het oude schoolgebouw verlaten en zijn we in augustus 2009 gestart in een nieuw schoolgebouw. Een school die voldoet aan alle eisen die er anno 2011 nodig zijn om goed onderwijs te geven. Naast de groepslokalen beschikt de school over een aantal ruimtes waar individueel of in kleine groepjes gewerkt kan worden.

Het leerlingenaantal op CBS de Welle blijft redelijk stabiel. Op 01-10-2011 (teldatum) telde de school 147 leerlingen. De prognose voor de teldatum 01-10-2012 bedraagt ca. 143 leerlingen. De kinderen zitten verdeeld over 7 groepen. Het team bestaat uit 10 groepsleerkrachten; 4 leerkrachten werken parttime. De directeur heeft voor één dag een lesgevende taak en heeft drie dagen voor directietaken. Daarnaast is de directeur één dag in de week afwezig vanwege de schoolleidersopleiding. De intern begeleider is twee dagen per week op school aanwezig.


Onze school is niks zonder de hulp van vele ouders en andere vrijwilligers. Dan denken we aan de ouders die in de MR of schoolcommissie zitten, hulp in de schoolbibliotheek, maar ook aan de mensen die bij schoolgerelateerde evenementen een helpende hand uitsteken. Ook in de toekomst hopen we te kunnen genieten van deze hulp om de school samen nog mooier en beter te kunnen maken.


1.2 DE COÖPERATIE CBO G3

De besturen van VCBO het Bildt, PCBO Ferwerderadiel, VCBO Leeuwarderadeel vallen sinds 1 januari 2011 onder de Coöperatie CBO G3.

1.2.1 MISSIE VISIE KERNWAARDEN
De besturen willen zich laten leiden door een gemeenschappelijke missie, visie en kernwaarden. Besturen en directieteam hebben besloten meer professioneel en deskundig te willen gaan werken, hierbij zullen slagvaardigheid en efficiency uitgangspunt zijn.

Missie : “Samen vooruit”
Visie: Alle 14 scholen willen zich onderscheiden (profileren) en willen zich laten binden door de christelijke identiteit. Alle scholen streven naar verhoging van de kwaliteit van onderwijs. De besturen zijn op afstand en richten zich op de randvoorwaarden voor goed onderwijs, leermethoden, leerkrachten, directeuren en gebouwen.
De uitvoering hiervan wordt overgelaten aan de algemeen directeur die wordt door ondersteund door secretarieel / administratief personeel op het bureau CBO G3 te St. Annaparochie en bureau Metrium te Leeuwarden.

Bron en kernwaarden:
De basis voor de missie en visie ligt vast in de door de leden bekrachtigde statuten van de drie verenigingen. Vanuit onze christelijke identiteit willen we ons laten leiden door de volgende kernwaarden:
• Zorg
• Verantwoordelijkheid
• Communicatie
• Respect
• Vertrouwen

Wij willen dat elke geleding binnen de coöperatie (leerkrachten, directeuren, ouders, kinderen) de genoemde kernwaarden onderschrijft en hier op gedragsniveau op aangesproken kan en wil worden.
Onder de coöperatie CBO G3 vallen de volgende scholen:
Aasterage te Marrum
De Barte te Vrouwenparochie
De Flieterpen te Reitsum
De Foarikker te Britsum
De Ikker te Blije
De Koppel te Sint Jacobiparochie
De Korenaar te Oudebildtzijl
De Noordster te Nij Altoenae
De Slotschool te Sint Annaparochie
De Sprankel te Stiens
De Welle te Burdaard
De Wizebeam te Minnertsga
It Fundamint te Hallum
Op Streek te Ferwert


1.2.2 MANAGEMENT- / DIRECTIETEAM
Het management-/ directieteam staat in dienst van het primaire proces, dus het onderwijs aan kinderen, waarbij de autonomie van elke school gewaarborgd en zo mogelijk uitgebreid wordt. De algemeen directeur van de drie verenigingen tevens coöperatiedirecteur is Jaap Jansma. Hij geeft leiding vanuit het bureau van de coöperatie CBO G3 in MFC “Ons Huis” te St. Annaparochie en word ondersteund door twee staffunctionarissen: Thea Wynia en Esther Russchen. In de organisatie is ook een drietal schooldirecteuren werkzaam die als coördinatoren fungeren voor een bepaalde portefeuille en als aanspreekpunt dienen van de bestaande drie verenigingen. Sjoerdje Poeze, directeur van “de Noordster” te Nij Altoenae is de coördinator zorg en kwaliteit en de vertegenwoordiger van de Vereniging voor CBO het Bildt. Jeanet Minks, directeur van “de Sprankel” te Stiens is coördinator onderwijs en vertegenwoordiger van de Vereniging voor CBO Leeuwarderadeel. Knillis Brouwer is coördinator personeel en arbeid en vertegenwoordiger van de Vereniging voor PCBO Ferwerderadiel.
Elke school heeft een directeur en samen vormen ze het directieteam CBO G3 die zich inzet voor het belang van de coöperatie. De hoofdverantwoordelijkheid en de sturing van onderwijs-, personele en financiële zaken behoort bij de algemeen directeur, Jaap Jansma.

1.2.3 BESTUUR VAN DE COÖPERATIE EN VAN DE VERENIGING
De coöperatie heeft ook een coöperatiebestuur waarvan de leden betrokken en deskundig zijn om op professionele wijze hun toezichthoudende taak te kunnen uitvoeren.
Belangrijke onderdelen waar deskundigheid voor verantwoord onderwijs-, personeels- en financieel beleid noodzakelijk zijn, vallen per 1 januari 2011 onder de verantwoording van het coöperatiebestuur.
De middelen die het rijk de scholen toebedeelt (publieke middelen) moeten op verantwoorde wijze worden verdeeld (lumpsum) en dit moet op professionele wijze worden gecontroleerd. De besturen van de drie verenigingen blijven bestaan en blijven beslissen over zaken die buiten de coöperatie vallen. Het eigen verenigingskapitaal (private middelen) en de besteding daarvan blijft bij de eigen vereniging en het eigen bestuur horen. De leerkrachten blijven een dienstverband houden binnen de eigen vereniging.

1.2.4 MR , GMR en BBGMR
Er is een bovenbestuurlijke GMR (BBGMR) geformeerd die het coöperatiebestuur van adviezen kan voorzien en instemming moet verlenen aan het voorgestelde beleid van het coöperatiebestuur. De bestaande GMR’s blijven bestaan. Zij staan een aantal taken af aan de BBGMR en behouden een aantal taken. Op schoolniveau zal de MR blijven bestaan en zal zich naast bovenschoolse zaken vooral richten op advisering en instemming op schoolbeleid.

Hoofdstuk 2

Waar staan we als De Welle voor?

De Welle heeft een duidelijk onderwijskundige identiteit.
Op onze school houdt dit in dat:
• er een bijdrage wordt geleverd aan de ononderbroken ontwikkeling van leerlingen door middel van het leerstofjaarklassensysteem
• daarbij aandacht is voor het individu
• de zelfstandigheid van de leerling wordt bevorderd
• er een beroep gedaan wordt op de eigen verantwoordelijkheid van de leerlingen.

De Welle is ook een school met een bepaalde opvoedkundige identiteit.
Dat houdt in dat op onze school:
• aandacht wordt geschonken aan een emotioneel veilig klimaat voor kinderen
• regels worden gehanteerd waarop leraren en leerlingen elkaar kunnen aanspreken
• kinderen leren zich maatschappelijk te ontwikkelen
• respect bestaat voor elkaars zijn, kennen en kunnen

De Welle is een school die staat voor kwaliteit.
Dat houdt in dat op onze school:
• lesmethoden worden gebruikt, die aan de gestelde eisen voldoen
• hulpmiddelen als een computer en naslagmateriaal worden gebruikt
• veel aandacht is voor het aanleren van de basisvaardigheden
• de leeromgeving uitdagend en interessant is
• hoge eisen worden gesteld aan de zorg voor leerlingen
• indien nodig deskundigheid van buiten de school beschikbaar is

De Welle is een school waar de zorg voor leerlingen belangrijk is.
Dat houdt in dat op onze school:
• aandacht is voor de individuele mogelijkheden van een leerling
• de vorderingen van leerlingen systematisch worden bijgehouden
• de vorderingen van leerlingen regelmatig worden geëvalueerd
• indien wenselijk, aparte leerlijnen voor leerlingen vanaf groep 6 worden uitgezet
• geregeld overleg met de ouders mogelijk is

De Welle: bron voor de toekomst!

Hoofdstuk 3

Waar werken we voor?

Wij gaan uit van de mogelijkheden van ieder kind afzonderlijk. Kindvolgend onderwijs houdt voor ons in dat wij heel gericht de ontwikkeling van ieder kind afzonderlijk volgen. Het betekent niet dat ieder kind een eigen programma volgt.
Het betekent wel dat wij ons onderwijsaanbod afstemmen op de behoeften en interesses van kinderen en rekening houden met verschillen in kennen en kunnen tussen kinderen. Dat komt het meest tot uiting in de instructie naar kinderen en in de verwerking van de leerstof. Beide zijn niet voor ieder kind in de groep hetzelfde. We gebruiken groepsplannen in de klas, waardoor er minimaal in drie niveaus gewerkt wordt. Uw kind wordt hierin ingedeeld n.a.v. toetsresultaten.

Leren houdt voor ons veel meer in dan het opslaan van kennis. Leren heeft te maken met de ontwikkeling van vaardigheden, met het veranderen van gedrag, met het leren hanteren van oplossingsmethoden, met het leren ontwikkelen en toepassen van denk- en leerstrategieën.
Het onderwijs op onze school is niet eenzijdig gericht op kennisoverdracht. Wij streven een brede ontwikkeling na waarbij verstandelijke ontwikkeling zoveel mogelijk hand in hand gaat met de emotionele ontwikkeling, de ontwikkeling van de creativiteit en de ontwikkeling van sociale, culturele en lichamelijke vaardigheden. Kinderen moeten kunnen uitgroeien tot complete mensen. Wij helpen ze daarbij.

Kinderen moeten goed in hun vel zitten. Dat is een belangrijke voorwaarde om te komen tot leren, tot zelfontplooiing. Het sociaal-emotioneel welbevinden van kinderen heeft onze voortdurende zorg en aandacht.

Onze leerlingen mogen niet afhankelijk gemaakt worden van de sturing van het onderwijsproces door de leerkracht. Leerlingen worden in toenemende mate bewust gemaakt van het feit dat ze verantwoordelijkheid dragen voor hun eigen handelen en leren. We leren kinderen kritisch naar zichzelf te kijken en verantwoordelijkheid te nemen voor het eigen leerproces.
Volwassenen en kinderen moeten met plezier naar school gaan. Humor, enthousiasme en flexibiliteit horen bij onze standaarduitrusting. Vanuit het plezier in het werken en omgaan met elkaar ontwikkelen kinderen vaardigheden. Vanuit die vaardigheden komen kinderen tot kennis, weten ze kennis te vergaren en leren ze die toe te passen.
Er is geen sprake van een standaard leermodel waar alle kinderen en leerkrachten zich naar moeten voegen.


Sfeer ontstaat door goede omgangsvormen tussen leerkrachten en leerlingen en hun ouders en door goede omgangsvormen tussen leerlingen onderling. Ook de aankleding van de school is belangrijk. Veiligheid heeft o.a. te maken met het naleven van afspraken en regels.
Daarnaast besteden we aandacht aan het voorkomen en bestrijden van ”pestgedrag”. Zie ook hoofdstuk 5.13 Pestprotocol.
In het kader van de vorming van kinderen proberen we ook te werken aan het vergroten van de weerbaarheid, verdraagzaamheid en zelfstandigheid. Tenslotte vinden we het belangrijk dat er een goede samenwerking tussen ouders en leerkrachten is, in een open communicatieve sfeer.


Hoofdstuk 4

De kwaliteit van onze school

4.1 Schoolplan
Een aantal jaren geleden hebben alle basisscholen in Nederland een nieuw document ontwikkeld, het Schoolplan. Dit schoolplan heeft als doel:
- Vaststellen wat voor de periode 1-8-2011 t/m 31-7-2015 voor De Welle het onderwijskundig beleid, personeelsbeleid, algemeen strategisch beleid, financieel beleid, materieel beleid, relationeel beleid en het beleid ten aanzien van de kwaliteitszorg is en van deze beleidsterreinen een samenhangend geheel te maken;
- dit beleid zo vast te stellen dat het gebruikt kan worden voor een planmatige schoolontwikkeling
- te voldoen aan de wettelijke verplichting te beschikken over een schoolplan.

Het schoolplan 2011-2015 en het schooljaarplan 2011-2012 ligt voor iedere belangstellende ouder ter inzage op school.

4.2 Kwaliteitsbewaking
Kwaliteit is een relatief begrip. In ieder geval is het iets waaraan voortdurend moet worden gewerkt.
Ter bewaking van de kwaliteit maakt de school gebruik van verschillende onderzoeksmiddelen en procedures:
Middelen met betrekking tot de leerlingen
• het nakijken van het gemaakte werk van de leerlingen
• het uitvoeren van het leerlingvolgsysteem
• het hanteren van goede lesmethodes en structureel vernieuwen
• het hanteren van een toetskalender (hoofdstuk 7.3)
• het hanteren en interpreteren van (CITO-)toetsen
• het hanteren van observatie-instrumenten

Middelen met betrekking tot de ouders
• het op de hoogte houden van de ouders van de vorderingen c.q. gedragingen van de leerlingen middels 10 minutengesprekken, ”tussendoor”-gesprekken en huisbezoeken door de leerkracht van groep 1
• het houden van algemene ouderavonden
• het schriftelijk op de hoogte houden van alle ontwikkelingen via nieuwsbrieven
• Persoonlijk contact met de ouders bij specifieke zorg.

Middelen met betrekking tot de leerkrachten
• het regelmatig houden van (evaluatie) vergaderingen
• het volgen van cursussen om de ontwikkelingen bij te houden
• het hebben van diverse gesprekken tussen directeur en leerkracht
4.3 Ict als hulpmiddel
Ook vinden we dat het gebruik van de computer in het onderwijs bijdraagt aan verbetering van de kwaliteit. Voor alle groepen zijn er programma’s, variërend van programma’s voor de kleuters tot reken- en taalprogramma’s voor de hogere groepen. Sinds de opening van het nieuwe schoolgebouw beschikt elk lokaal, behalve groep 1, over een digitaal schoolbord. Deze gebruiken we tijdens diverse lessen. Ict-coördinator voor onze school is de heer Sybren v.d. Velde.

4.4 Output
De overheid wil dat de basisscholen, in navolging van de scholen van het V.O. hun zgn. ”output” publiceren. Hieronder ziet u het aantal leerlingen dat onze school verlaat naar het type voortgezet onderwijs.
2008-2009 2009-2010 2010-2011
VMBO (kaderberoepsgerichte- en gemengde leerweg) 3 5 0
VMBO (gemengde- en theoretische leerweg) 2 0 1
VMBO (Theoretische leerweg) 2 5 6
HAVO/VWO 8 12 10
Gymnasium talentklas 1








Hoofdstuk 5

Wat leren de kinderen?

5.1 Methoden
Op onze school gebruiken we de volgende methodes:

5.2 Godsdienst
Kind op Maandag is een uitgave van de Nederlandse Zondagschool Vereniging. Deze methode wordt in een groot aantal groepen gebruikt als leidraad voor de dagopeningen. De methode sluit aan op Kind op Zondag, waar veel kerken gebruik van maken voor de kindernevendiensten.

5.3 Lezen
In groep 3 is vorig schooljaar officieel een start gemaakt met het leren lezen. Er wordt gewerkt met de methode ”Veilig leren lezen”. Op onze school vinden we lezen erg belangrijk. Niet alleen dat uw kind léért lezen, maar dat het ook ontdekt dat lezen leuk, spannend, leerzaam, gezellig of ontroerend kan zijn.
Dinsdag t/m vrijdag is er een moment dat de leerlingen van groep 3 t/m 8 deelnemen aan het zogenaamde ”tutorlezen”. Onder begeleiding van een ander kind (met een hoger leesniveau) lezen de kinderen in duo’s van twee. Dit heeft voordelen voor beide kinderen. De zwakkere lezer komt vaak aan de beurt en de betere lezer leert nog beter te lezen, temeer omdat ze een ander kind moeten begeleiden. Verder heeft het ook een pedagogisch effect.
De leesresultaten worden een aantal malen per jaar getoetst.
In de hogere leerjaren komt de nadruk steeds meer op het begrijpend en later ook op het studerend lezen te liggen. Dit schooljaar implementeren wij een nieuwe methode voor begrijpend lezen: lezen in beeld.

5.4 Fries
Friesland is een tweetalige provincie. In ons onderwijs wordt met deze tweetalige cultuur rekening gehouden. Voor de jongste kinderen is het van belang dat zij zich snel thuis voelen op school. In een veilige omgeving zullen ze gemakkelijker gedijen. Een belangrijk aspect daarbij is de acceptatie van de taal van het kind die het van thuis heeft meegekregen.
Er wordt in de groepen aandacht besteed aan begrijpen, lezen en spreken van Fries. Het schrijven van Fries heeft een lagere prioriteit. Het Fries wordt gebruikt als voertaal bij een aantal op Friesland gerichte onderwerpen. In alle groepen wordt er gebruik gemaakt van de methode ’Studio F”. Vanaf groep 5 krijgen de leerlingen “stavering”.

5.5 Engels
In groep 7/8 wordt Engels gegeven. We maken daarbij gebruik van de methode ”Real English”
De lessen Engels hebben een sterk communicatief karakter, d.w.z. dat de kinderen veel met elkaar praten in het Engels en zich op die manier verstaanbaar kunnen maken in een vreemde taal.

5.6 Wereldoriëntatie
Op heel veel momenten wordt gesproken over de wereld om ons heen en brengen we de kinderen kennis bij over het heden en het verleden van de aarde. Soms gebeurt dit in aparte vakken aan de hand van methoden, maar ook vaak door middel van werkstukken, leergesprekken, doe-opdrachten, spreekbeurten, schooltelevisie e.d..
Natuur:
We gaan hierbij uit van de eigen omgeving. Daar zoeken we materiaal bij, soms in de vorm van projecten. Verder maken we gebruik van programma’s van Schooltv zoals ”Huisje Boompje Beestje” en “Nieuws uit de natuur” en groep 8 “leefwereld”.
Verkeer:
In de groepen wordt gewerkt met de boekjes van 3VO. We proberen hierbij aan te sluiten bij de verkeerssituatie van de kinderen in hun eigen omgeving.

5.7 Maatschappelijke verhoudingen en staatsinrichting
Voor dit vak- vormingsgebied hebben we geen speciale methode. In diverse andere lessen wordt er echter in voldoende mate voor gezorgd dat deze lesstof voldoende aandacht krijgt. Tevens wordt er iedere week door de leerlingen van groep 7 en 8 gekeken naar School-TV weekjournaal. Naar aanleiding van dit tv programma vindt
er een gesprek plaats over de thema’s die hierin aanbod komen.

5.8 Geestelijke stromingen
Kennis van de verschillende geestelijke stromingen draagt bij aan het ontwikkelen van een eigen normen- en waardenpatroon bij de kinderen. Verder kan kennis van andere culturen bijdragen tot meer verdraagzaamheid en begrip.
Bij dit vak- vormingsgebied vinden vaak koppelingen plaats met geschiedenis, aardrijkskunde en godsdienstige vorming. Dit is dan ook de reden dat we geen aparte methode hiervoor hebben.

5.9 Actief Burgerschap
Sinds 2006 zijn nieuwe kerndoelen voor het onderwijs van kracht. Onderwijs in burgerschap maakt deel uit van deze doelen. Burgerschap wordt niet direct gezien als een apart vak, maar maakt deel uit van het alledaagse lesgeven, waarbij leerlingen worden uitgedaagd na te denken over hun rol als burger in onze (Nederlandse / westerse) samenleving. Ze moeten leren daar nu en ook later een positief kritische bijdrage aan te kunnen leveren. Ook als ’kleine burger’ moeten kinderen zich betrokken voelen bij en verantwoordelijk zijn voor de maatschappij waar ze deel van uit maken. De betrokkenheid bij en de verantwoordelijkheid voor de sociale gemeenschap, maken deel uit van de identiteitsontwikkeling van onze leerlingen.
De ontwikkeling van burgerschapszin en sociale integratie komen tijdens diverse lessen in alle groepen aan de orde. We denken daarbij o.a. aan tv-lessen als Koekeloere, Huisje-boompje-beestje, Nieuws uit de natuur en Het Schooltv-weekjournaal. Ook bij andere vakken komen elementen van burgerschap aan de orde (o.a. godsdienst, geschiedenis en aardrijkskunde).
Sowieso leren kinderen op school met andere mensen om te gaan (sociale competenties).

5.10 Creatieve vorming
Vanaf groep 3 besteden we per week ongeveer 3 uur aan de vakken tekenen, handenarbeid, muziek en dans/ drama. Deze vakken brengen evenwicht in het lesprogramma. Toch zien we deze vakken niet alleen als ontspannend; ook hier streven we kwaliteit na. We gebruiken de methode “Moet je doen”.
Creativiteit is een belangrijke basis in het leven!

5.11 Computers
Elke groep beschikt over minimaal 2 computers. Alle computers zijn aangesloten op een beveiligd netwerk. Ook is er in de school een computerlokaal gemaakt. Daar staan 14 computers. Via internet kunnen de kinderen onder toezicht van de leerkracht informatie opzoeken. Deze informatie kunnen de kinderen gebruiken voor het maken van werkstukken en spreekbeurten. Vanaf groep 1 leren de kinderen omgaan met computers. In de laagste groepen worden de computers in hoofdzaak gebruikt ter ondersteuning van functieontwikkeling. Daarnaast wordt veelal gebruik gemaakt van educatieve software op de volgende leergebieden: taal, rekenen en wereldverkenning.
Vanaf groep 4 leren de kinderen werken met Windows en Word. Ook beschikken we over software voor Remedial Teaching.

5.12 Programma sociale en emotionele ontwikkeling
Binnen onze school werken we met de methode “kinderen en hun sociale talenten”. We richten ons vooral op het ontwikkelen van sociale competentie. Sociale competentie gaat over hoe kinderen met elkaar en met zichzelf omgaan. Ze leren dat ze niet mogen slaan als ze ruzie hebben met
een ander kind, maar dat ze de ruzie met praten moeten oplossen. Ze leren ook om goed samen te werken met andere kinderen, of hoe ze voor zichzelf kunnen opkomen. Al deze vaardigheden zijn belangrijk voor kinderen: ze zullen deze vaardigheden later nodig hebben in de maatschappij. De kinderen krijgen elke week een les in sociale competentie. Er zijn een aantal thema’s met verschillende lessen.



5.13 Pesten
Op onze school doen we er alles aan om pesten te voorkomen en indien het voorkomt dit heel serieus aan te pakken. Daartoe is een beleidsstuk vastgesteld, waarin een pestprotocol is opgenomen. Er is op bestuursniveau afgesproken dat dit protocol in de schoolgids wordt vermeld.

Doel van het pestprotocol:
Een protocol tegen pesten probeert door samenwerking het probleem van het pestgedrag bij kinderen aan te pakken. Hiermee willen we het geluk, het welzijn en de toekomstverwachting van de kinderen verbeteren.
Het belangrijkste uitgangspunt bij pesten luidt:

Word je gepest, praat er thuis en op school over.
Je moet het niet geheim houden!!

De gouden regel vanuit het pestprotocol voor de kinderen is:

Voor groot en klein zullen we aardig zijn.

De GMR, bestuur / schoolcommissie en de directeur / het team van de verenigingen binnen het G3-verband verklaren het volgende:

Pesten is een wezenlijk en groot probleem. Pestgedrag is schadelijk tot zeer schadelijk voor kinderen, zowel voor slachtoffers als voor de pesters. Dit ernstige probleem moet aangepakt worden, in het bijzonder door de ouders en op schoolniveau door de leerkrachten.
GMR, directie en personeel moeten zo goed mogelijk samenwerken met leerlingen en ouders om het probleem ”pesten” op te lossen.

Directie en personeel verplichten zich tot het volgende:
• hulp bieden aan het gepeste kind
• hulp bieden aan de pester
• aandacht geven aan de zwijgende meelopers
• hulp bieden aan de leerkracht
• hulp bieden aan de ouders
• het bewust maken en bewust houden van alle betrokkenen van het probleem
• het gericht voorlichten van alle betrokkenen binnen de vereniging
• het aanleggen van toegankelijke, goede informatie over het probleem ”pesten”

5.14 Benutting onderwijstijd
We starten de schooldag om 8.15 uur ’s morgens en om 13.15 uur ’s middags beginnen, daarom gaan de kinderen vijf minuten eerder naar binnen. Als school proberen we lesuitval te voorkomen. Vaak zal het gaan om afwezigheid van een leerkracht wegens ziekte. De directie zal altijd trachten een vervangende leerkracht te vinden. Indien dit niet lukt kunnen kinderen over de andere groepen verdeeld worden. In het uiterste geval kan een groep een dag of een dagdeel extra vrij hebben. Dit kan alleen wanneer de ouders op de hoogte zijn gesteld. Hierbij is het van belang te weten dat indien ouders niet voor opvang kunnen zorgen, de school voor opvang zorg draagt binnen de reguliere schooltijden.

Hoofdstuk 6

Ieder kind is er een

6.1 Zorg op maat
Er zijn grote verschillen in begaafdheid, tempo en belangstelling tussen kinderen. Op school trachten wij, waar mogelijk, hiermee rekening te houden. We praten dan over zorg op maat. Wanneer het gaat om zorg¬ leerlingen dan is er een plan voor zorgverbreding. De zorgverbreding speelt zich af op drie niveaus:
A. Schooloverstijgend niveau
B. Schoolniveau
C. Groepsniveau

A. Schooloverstijgend niveau
CBS De Welle maakt deel uit van een samen¬wer¬kings¬verband, hierin werken we samen met een school voor speciaal basisonderwijs. Doel en opdracht is om zoveel mogelijk kinderen binnen het gewone onderwijs te houden. We maken gebruik van de deskundigheid die er is binnen het samenwerkingsverband.
Te denken valt hierbij aan professionaliseringsactiviteiten, netwerken IB, Ambulante Begeleiding, jeugdhulpverlening, schoolmaatschappelijk werk, logopedist, orthopedagoog.

B. Schoolniveau
Op school is een leerkracht aangesteld die zich bezighoudt met de zorg voor leerlingen. Deze leer¬kracht wordt intern begeleider genoemd.
De interne begeleider heeft als taak het coördineren, bewaken en ontwikkelen van procedures en afspraken rond de leerlingenzorg. In de praktijk betekent dit het organiseren en coördineren van:
• Signaleren (opsporen) van risicoleerlingen
• Diagnosticeren (nader onderzoek)
• Het eventueel hulp bieden bij het opzetten van een handelingsplan
• Remediëren (speciale begeleiding)
• Evalueren van de effecten van die speciale bege¬leiding

Op schoolniveau zijn er afspraken/procedures t.a.v.:
• vroegtijdige signalering van risicoleerlingen
• het hanteren van het leerlingvolgsysteem aan de hand van de toetskalender
• groepsbesprekingen / leerlingbesprekingen
• de wijze van aanmelden van zorgleerlingen bij PCL
Contacten met de ouders van kinderen met leer- en/ of ontwikkelingsproblemen:
• uitgangspunt is altijd mondeling contact in een zo vroeg mogelijk stadium
• ouders worden geïnformeerd bij nader intern diagnostisch onderzoek
• ouders worden tijdig geïnformeerd en waar mogelijk actief betrokken bij speciale leerlingbegeleiding
• ouders worden nader geïnformeerd en geven schriftelijk toestemming indien nader onderzoek door externe deskundigen noodzakelijk is

C. Groepsniveau
Zelfstandig (ver)werken.
De leerkracht biedt altijd zoveel mogelijk hulp binnen de eigen groep. Naar aanleiding van de onderwijsbehoeften van een leerling kan er ondersteuning worden geboden door IB-er en/ of directie.
Op bepaalde momenten gaan de leerlingen zelfstandig aan het werk. Ofschoon de leerkracht gewoon in de klas is, is hij/zij tijdelijk niet te bereiken, we noemen dit uitgestelde aandacht. Het zelfstandig werken wordt aangegeven d.m.v. een grote dobbelsteen. Wanneer deze op rood staat wil de leerkracht niet gestoord worden. Hij/zij keert de dobbelsteen op de groene kant wanneer hij/zij een ronde door de groep loopt. Op dat moment geeft hij aandacht aan de leerlingen. De leerling kan d.m.v. een gekleurde dobbelsteen op zijn tafel aangeven of hij/zij een vraag heeft, zelfstandig door kan werken en / of hij een medeleerling wil helpen.
Daarnaast werken leerlingen met dag- en weektaken. Op deze momenten heeft de leerkracht de tijd om zich bezig te houden met die leerlingen, die extra aandacht behoeven in een instructiegroep.
Bij de kleuters wordt door middel van het taakbord en de kleurenklok een begin gemaakt met het zelfstandig werken.

(Meer) begaafde leerlingen
Wanneer het gaat om zorg op maat, dan zijn er ook kinderen die meer aan kunnen dan de gemiddelde leerling. In bepaalde methodes wordt aangegeven wat basisstof en wat verrijkingsstof is. Zo werken (meer)begaafde kinderen uit groep 3 met een moeilijkere versie van de aanvankelijk lezen methode. Een kind dat meer aan kan, kan zichzelf, onder begeleiding van de leerkracht, verdiepen in de leerstof.
We beschikken over verschillende uitdagende materialen voor zowel rekenen als taal.

6.2 Zelfstandig werken
De afgelopen jaren is het hoofdzakelijk klassikaal frontaal les gegeven op cbs de Welle omgebogen, er is ruimte gegeven aan het werken met dag- en weektaken.
Klassikaal frontaal lesgeven betekent dat je de groep in eerste instantie als uniform geheel benadert en dus instructie op één niveau geeft. Doordat je daaraan bijna al je aandacht en tijd geeft beperk je de mogelijkheden om bijv. verlengde instructie (aan de instructietafel) te geven of om zorgleerlingen specifiek op hun niveau instructie te geven.
Het klassikaal frontale systeem kenmerkt zich ook door een nauwkeurige controle door de leerkracht van alle geleverde werk van de leerlingen.

Bij het werken met dag- en weektaken wordt flexibeler omgegaan met de gedachte dat een leerkracht alles wat een leerling maakt moet corrigeren. Vanuit de gedachte dat een leerling profijt kan hebben bij het zelf nakijken van zijn of haar werk, kan gestreefd worden naar het leggen van meer verantwoordelijkheid bij de leerling. Attitudevorming: het idee dat je voor jezelf werkt en niet voor de meester of juf, dat je door af te kijken jezelf voor de gek houdt, dat je van je fouten mag leren, dat een beoordeling aangeeft hoe het er met jouw kennis op een bepaald gebied voor staat, dat je vertrouwen krijgt en verantwoordelijk bent voor het geleverde werk.

Het werken met dag- en weektaken biedt de leerlingen de mogelijkheid om (tot op zekere hoogte) in hun eigen tempo leerstof te doorlopen. Doordat de leerling de leerstof in eigen tempo in zich kan opnemen en kan verwerken, loopt hij minder snel tegen grote problemen aan. De leerling is vaak met een kleine tip of een uitleg aan de instructietafel weer in staat verder te werken.
Daarnaast stimuleert het werken met dag- en weektaken het zelfstandig werken en het zelfvertrouwen van de leerling.
In het kader van de zorgverbreding en de differentiatie biedt het werken met dag- en weektaken uitstekende mogelijkheden:
Er zijn korte, vaak klassikale instructiemomenten. Het samenwerken tussen leerlingen wordt bij het werken met dag- en weektaken gestimuleerd: leerlingen kunnen ook elkaar bevragen en op weg helpen. De verlengde instructie kan aan de instructietafel worden gegeven of individueel plaatsvinden. Er is in de organisatie meer tijd vrij te maken om leerlingen (elkaar) te (laten) begeleiden; de leerlingen hebben veel meer de mogelijkheid om zich onafhankelijk op te stellen

Het werken met dag- en weektaken heeft ook een pedagogisch doel: het ontwikkelen van zelfstandigheid. Het bevorderen van zelfstandigheid is een van de belangrijkste doelen van de opvoeding en dus ook van het onderwijs. Zelfstandigheid is bereikt als kinderen in staat zijn een door anderen of door zichzelf gesteld doel te bereiken.
Dat wil zeggen: zelf de wegen bepalen die tot dit doel leiden, zelf die wegen bewandelen, zelf problemen oplossen die zich op de ingeslagen weg voordoen, zelf beslissingen nemen.
De mate van zelfstandigheid wordt bepaald door het individuele kind. Een en ander legt nadrukkelijk beslag op de eigen verantwoordelijkheid van de leerlingen. De ontwikkeling van deze verantwoordelijkheid verdient veel aandacht.
Het belangrijkste voordeel van het werken met dag- en weektaken is, dat de kinderen van jongs af aan leren om zelfstandig te werken met taakinhouden. Kinderen krijgen al op jonge leeftijd een bepaalde mate van verantwoordelijkheid en leren hiermee om te gaan. Deze oefening levert niet alleen voordelen op voor de basisschool, maar ook voor de vervolgopleiding. Kinderen leren effectief met hun tijd omgaan, om te plannen en zelfstandig te werken.

6.3 Leerlinggebonden financiering
Op 1 augustus 2004 werd de ’regeling leerlinggebonden financiering’ ingevoerd.
Deze regeling maakt het ouders van een kind met een beperking mogelijk te kiezen voor een basisschool of een school voor speciaal onderwijs.
Onder leerlingen met een beperking verstaan we kinderen die:
• een visuele beperking hebben (cluster 1)
• dove en slechthorende kinderen, kinderen met ernstige spraak/taalproblemen (cluster 2)
• zeer moeilijk lerende kinderen (cluster 3)
• zeer moeilijk opvoedbare kinderen (cluster 4)
Deze kinderen hebben – nadat hun handicap door de Commissie van Indicatiestelling is vastgesteld – een indicatie en een rugzakje met financiële middelen. Deze financiële middelen zijn bijv. voor scholing en ondersteuning van leerkrachten en voor het aanschaffen van extra materiaal.
Ouders van deze kinderen kunnen er voor kiezen hun kind aan te melden bij een school voor speciaal onderwijs. In veel gevallen zal dit ook verstandig zijn, maar ouders kunnen ook contact zoeken met een basisschool om te kijken of hun kind daar kan worden begeleid.
Een eventuele aanmelding bij onze school kan alleen met een positieve beschikking van de Commissie van Indicatiestelling.
Het Regionale Expertise Centrum (REC) verzorgt het speciaal onderwijs in onze regio.
Het REC adviseert ouders hoe ze een verzoek tot indicatiestelling moeten indienen.
Ook kan het REC ouders helpen bij het kiezen van een geschikte school.

Onze school is bereid om kinderen met een beperking toe te laten, maar centraal staat dan steeds de vraag of wij voldoende voorwaarden kunnen scheppen om het kind op een verantwoorde wijze op te vangen.
Met andere woorden kan onze school het kind wel de gewenste zorg bieden?
Om bij deze vragen tot een verantwoorde beslissing te komen, heeft onze school de volgende procedure vastgesteld:
• een oriënterend gesprek met de ouder(s).
• een gesprek tussen directeur en intern begeleider waarbij informatie over de leerling wordt verzameld en bestudeerd.
• inventariseren van de mogelijkheden en onmogelijkheden van de school bij het begeleiden van deze leerling.
• het horen van het team.
• het nemen van een besluit door directie en bestuur.
• het schriftelijk melden van het besluit aan de ouder(s).

Ouders kunnen bij een negatief besluit van de school bezwaar aantekenen bij het bestuur.
Over het bovengenoemde heeft het team onderbouwde afspraken gemaakt.

De procedure is vastgelegd in het beleidsstuk Leerling¬gebonden financiering, dat op school voor ouders ter inzage ligt. Hebt u na het lezen van deze informatie nog vragen dan kunt u contact opnemen met de directeur of de intern begeleider van onze school.
Meer informatie over het rugzakje kunt u onder andere vinden op het internet bij www.postbus.51.nl (brochure ’Met de rugzak naar school’) .

Hoofdstuk 7

Wikken en wegen

7.1 Cito-leerlingvolgsysteem
Om een duidelijk beeld te krijgen hoe de kinderen zich ontwikkelen en hoe de prestaties zijn, zorgen wij ervoor dat door middel van observatielijsten en toetsen de kinderen op de voet worden gevolgd. Op De Welle hanteren wij het CITO-leerlingvolgsysteem.
Zie voor de planning de toetskalender in hoofdstuk 7.3.

Het toetsen van de kinderen is geen doel op zichzelf. Het heeft alles te maken met een beter zicht op de kwaliteit van ons onderwijs en nog belangrijker: het bewaken van de voortdurende ontwikkeling van uw kind. Aan de hand van de toetsen kan ook worden bekeken wie extra aandacht behoeft.

Wanneer, ondanks extra aandacht, een kind eventueel in aanmerking komt voor een school voor Speciaal Basisonderwijs, dan kan in overleg met de ouders een onderzoek aangevraagd worden bij het samenwerkingsverband. Een orthopedagoog verricht dan nader onderzoek. Wanneer alle betrokkenen van mening zijn dat een vorm van speciaal basisonderwijs tot de mogelijkheden gaat behoren, dan kan een kind na overleg met de ouders, middels een zorgdossier (ingevuld door de leerkracht en/of interne begeleider) aangemeld worden bij de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg). Deze commissie beslist uiteindelijk over plaatsing, of draagt andere alternatieven aan.

7.2 Vervolgonderwijs
Aan het eind van de basisschool wordt er geëvalueerd, nu m.b.t. het vervolgonderwijs.
Het Voortgezet Onderwijs is voortdurend in beweging.

De advisering verloopt als volgt:
• Na de kerstvakantie vindt er een informatie avond plaats voor ouders en leerlingen over het kiezen na de basisschool.
• In de periode na de kerstvakantie brengen de leerlingen van groep 8 een bezoek aan de praktijkafdelingen van het VMBO in Dokkum en het Dockinga college te Ferwert. Ook kunnen de ouders met hun kind (op eigen gelegenheid) de open avonden van de verschillende scholen van voortgezet onderwijs bezoeken.
• In februari wordt de Cito-toets gemaakt.
• Zodra de uitslag binnen is, maakt de school een afspraak met de ouders voor een gesprek en vindt de schoolkeuze plaats. Afhankelijk van de cito-eindtoets en de resultaten van het leerlingvolgsysteem en de bevindingen van de groepsleer¬kracht wordt in overleg met de ouders een afweging gemaakt.
• Vóór 1 april moeten de leerlingen zijn aangemeld bij een school voor voortgezet onderwijs. De organisatie van de aanmelding wordt door onze school verzorgd.
• De toelatingscommissie van de school waar het kind is aangemeld, beslist of het kind wordt toegelaten. Zo nodig vindt er overleg plaats tussen de scholen en de ouders.

Eind mei krijgen de ouders van de ontvangende scholen bericht of een kind toegelaten wordt.

7.3 Toetskalender 2011-2012




Hoofdstuk 8

Niet kennis alleen...

We zijn niet alleen een leergemeenschap, maar ook een leefgemeenschap waarin plaats is voor allerlei andere activiteiten. Een greep uit de activiteiten die plaatsvinden:

8.1 Sport en spel
De groepen 6, 7 en 8 nemen jaarlijks deel aan een sportdag die wordt georganiseerd door de afdeling sport en recreatie van de gemeente Ferwerderadiel. Deze zal dit jaar op 25 mei 2012 plaatsvinden.

8.2 Zwemonderwijs
Groep 3 t/m 6 heeft in de maanden mei, juni, augustus, september schoolzwemmen. In deze periode wordt een keer per week de gymles vervangen door schoolzwemmen.

8.3 Kunst en cultuur
Via Keunstwurk zijn alle groepen aangemeld om tenminste één keer een voorstelling te kunnen bijwonen. Het centrum verzorgt muziek-, dans- en theateractiviteiten. Ook kan het voorkomen dat een project in de klas wordt uitgevoerd. Kinderen uit onder- en de middenbouw worden uitgenodigd om een bezoek te brengen aan de bibliotheek.

8.4 Excursies
Het komt nogal eens voor dat er een educatief uitstapje wordt gemaakt. Soms worden daarbij ouders gevraagd voor hulp, vervoer of begeleiding. U wordt van tevoren ingelicht.

8.5 Jaarevenementen
- Sinterklaasviering
- Kerstfeest
- Kinderboekenweek
- Laatste schooldag
- Projectweek
- Kerk/School/Gezinsdienst


Hoofdstuk 9

School en thuis

Uw belangstelling en waardering voor het werk van uw kind kan leiden tot betere resultaten. Uw belangstelling voor het totale schoolgebeuren kan leiden tot meer begrip en waardering voor wat de school doet.
Communicatie is dus belangrijk. De leerkrachten zijn altijd bereid om na schooltijd met u van gedachten te wisselen en u bent altijd welkom om te spreken met de directeur.
Ook kunt u altijd een afspraak maken met de intern begeleider. We vinden het belangrijk dat u gelijk komt wanneer u met iets zit. Duidelijk zijn naar elkaar verschaft helderheid, waarbij aangetekend moet worden dat directie
en leerkrachten wel duidelijk grenzen aangeven van wat mogelijk is.

9.1 Aanmelding en toelating
Wij stellen het zeer op prijs als ouders/verzorgers hun kind tijdig aanmelden. Dit laatste is van belang om de kennismaking goed te kunnen plannen, terwijl we tevens rekening kunnen houden met de te verwachten groepsgrootte. Wanneer kinderen drie jaar en tien maanden zijn, mogen ze ten hoogste 3 ochtenden komen kennis maken met de toekomstige klas en de nieuwe leerkracht. De leerkracht zal tevens op huisbezoek komen als kennismaking bij het oudste kind van elk gezin. Kinderen kunnen worden toegelaten als ze vier jaar zijn. We gaan er wel vanuit dat uw kind zindelijk is. De ouders/verzorgers dienen de grondslag en doelstelling van de school te onderschrijven. In bepaalde gevallen kan, alvorens tot toelating over te gaan, worden bekeken of de school kan voldoen aan de specifieke behoeften die een bepaalde leerling heeft. De instroom van 4-jarigen geschiedt meestal zo spoedig mogelijk na de vierde verjaardag, maar altijd wel in overleg met de ouders/verzorgers. Zes weken voor de zomervakantie worden er geen nieuwe leerlingen meer toegelaten. Ook is het voor een kind niet altijd leuk om vlak voor Sinterklaas of Kerst op een nieuwe school te beginnen.

9.2 Informatieavond
In het begin van het schooljaar wordt er een informatieavond gehouden voor ouders. Naast een kennismaking met de leerkracht(en), krijgt u algemene informatie betreffende de leerstof, het materiaal en de methodes (deze liggen ter inzage). Natuurlijk wordt er ook voldoende tijd ingeruimd om vragen te stellen.

9.3 Spreekavonden
Tijdens de spreekavonden komen de ontwikkeling, de vorderingen en leerresultaten van uw kind ter sprake. Er zijn spreekavonden op uitnodiging en algemene spreekavonden.
De leerkracht kan u dus uitnodigen of u kunt zelf aangeven dat u de leerkracht dringend wilt spreken. Voor de, bij de belangrijke data vermelde, spreekavonden krijgt u de indeling uitgereikt. U kunt aflezen wanneer en bij wie u welkom bent. Voor een gesprek over uw kind is altijd 10 minuten gereserveerd.
Algemene spreekavonden:
Okt. / nov. Groep 3 + 8
Jan. / febr. Groep 1 t/m 7
Maart/april Groep 8 (na de cito-eindtoets)
Juni Groep 1 t/m 7

Spreekavonden op uitnodiging:
Okt. / nov. Groep 1, 2, 4 t/m7
April Op verzoek voor groep 1 t/m 7

9.4 Nieuwsbrieven
U wordt regelmatig schriftelijk geïnformeerd over allerlei belangrijke, leuke en actuele zaken. De nieuwsbrieven worden meegegeven aan het oudste kind. Het liefst sturen wij de nieuwsbrief per email naar u. Wilt u ook de nieuwsbrief per e-mail ontvangen stuur dan een mailtje naar info@de-welle.nl.

9.5 Schoolkrant
Tweemaal per jaar verschijnt onze schoolkrant, “De praatkoker”. De krant is vooral gevuld met werk van de kinderen.

9.6 Rapport
Twee keer per jaar houden wij de ouders op de hoogte van de vorderingen van hun kind. Hiertoe verschijnen er voor alle groepen rapporten in februari en juni. Ook toetsresultaten in het kader van het leerlingvolgsysteem worden meegenomen in de rapportage.

9.7 Schoolcommissie
Voor iedere school die van de vereniging uitgaat is door het algemeen bestuur een schoolcommissie ingesteld. Taak van de schoolcommissie is om een brug te slaan tussen ouders, algemeen bestuur en de school. Zij fungeert als denktank op het gebied van onderwijskundige en organisatorische zaken. Er is een reglement aanwezig waarin de taken van de schoolcommissie beschreven staan.
De namen van de schoolcommissieleden vindt u in hoofdstuk 11 van deze gids.

9.8 Medezeggenschapsraad
De Medezeggenschapsraad is een inspraakorgaan voor ouders en personeelsleden. Twee ouders en twee personeelsleden hebben zitting in de MR. De taak van de MR is het geven van adviezen en het nemen van besluiten over onderwerpen die te maken hebben met het beleid van de school. De MR vervult een brugfunctie tussen de ouders en de school. De MR heeft goede banden met de schoolcommissie zodat men weet wat er leeft op school en onder de ouders. Zijn er knelpunten op school of zijn er vraagtekens bij de ouders, dan kan de MR daarmee aan de slag gaan. De namen van de MR- leden vindt u in hoofdstuk 11 van deze gids.
Twee leden van de MR zijn vertegenwoordigd in de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad, gevormd door afgevaardigden van de zes scholen van onze vereniging.
De GMR vergadert in principe elke twee maanden en dan steeds in de eerste week van de maand. Sinds 1 januari 2011 is na de oprichting van de coöperatie CBO G3 ook een bovenbestuurlijke GMR (BBGMR) ingesteld. Deze raad bestaat uit een vertegenwoordiging van ouders en personeel van de drie verenigingen (6 personen). De BBGMR toetst beleidsmatige voorstellen van het coöperatiebestuur en de GMR toetst beleidsmatige voorstellen van het bestuur van de vereniging. Ook kan ze zelf met initiatieven komen. De algemeen directeur woont de BBGMR en GMR vergaderingen bij. Hij vertegenwoordigt het bestuur, geeft uitleg aan het beleid en kan hier op bevraagd worden.

9.9 Hulpouders
In artikel 44 van de Wet op het Primair Onderwijs (WPO) staat het volgende:
Het bevoegd gezag stelt de ouders van de leerlingen in de gelegenheid ondersteunende werkzaamheden ten behoeve van de school te verrichten. De ouders zijn daarbij gehouden de aanwijzingen op te volgen van de directeur en het overige onderwijzend personeel, die verantwoordelijk blijven voor de gang van zaken.
Graag doen wij een beroep op u om medewerking te verlenen bij verschillende facetten van het onderwijs. Hieronder geven wij een overzicht van de mogelijkheden. Aanmelding kan geschieden d.m.v. een opgaveformulier dat apart wordt verstrekt. De school of groepsleraar kan daarna contact met u opnemen.
Hoofdstuk 10

De school en de omgeving

10.1 Jeugdgezondheidszorg
De jeugdgezondheidszorg volgt de gezondheid en ontwikkeling van kinderen van 0-19 jaar. De GGD is partner binnen het Centrum voor Jeugd en Gezin. Alle kinderen ontvangen op 5-jarige leeftijd en in groep 7 een uitnodiging voor een gezondheidsonderzoek door de doktersassistent, arts of verpleegkundige. Voorafgaand aan het onderzoek ontvangen de ouders/verzorgers een vragenlijst.

5-jarige kinderen
Dit onderzoek bestaat uit een uitgebreid lichamelijk onderzoek en een gesprek over opvoeding, gedrag en gezondheid, zoals groei, motoriek, spraak en taal.

Groep 7
Dit is een onderzoek van de lichamelijke groei en een gesprek over opvoeding, gedrag, sociale ontwikkeling.

Ouders, kinderen of de school (in overleg met ouders) kunnen bij vragen of zorgen altijd terecht bij de jeugdgezondheidszorg voor een extra onderzoek of gesprek. U kunt zelf contact opnemen met de jeugdarts of –verpleegkundige van GGD Fryslân Jeugdgezondheidszorg via 088 22 99 444.

10.2 Logopedie
Aan het begin van het schooljaar ontvangen de leerkrachten van groep 1 en 2 een screeningsformulier. Leerlingen die opvallendheden vertonen op het gebied van spraak-/taalontwikkeling kunnen na onderzoek eventueel doorgestuurd worden naar een logopediste. Natuurlijk wordt er ook in de hogere groepen gelet op de spraak- taalontwikkeling van de leerlingen, mocht het nodig zijn dan wordt ook voor ”oudere” leerlingen logopedie geadviseerd.

10.3 Schoolmaatschappelijk werk
Sinds 2010 bestaat er voor ouders de mogelijkheid om gebruik te maken van schoolmaatschappelijk werk. Onze gemeente subsidieert dit.
Wat doet een schoolmaatschappelijk werker(ster)?
• Informatie, advies en begeleiding geven
• De oorzaken van een probleem zoeken en bijdragen aan het zoeken van een oplossing
• Kortdurende psychosociale hulpverlening


Wanneer kunt u het schoolmaatschappelijkwerk inschakelen?
Als het thuis of op school om wat voor reden dan ook, niet goed gaat met uw kind, kan er een beroep worden gedaan op het schoolmaatschappelijk werk.
Enkele voorbeelden daarvan zijn:
• Pesten of gepest worden
• Agressiviteit of hyperactiviteit
• Geen contact willen of verlegen zijn
• Scheidingsproblematiek
• Driftbuien of ruzie maken
• Niet willen luisteren

Hoe werkt het schoolmaatschappelijkwerk?
De hulpverlening van de schoolmaatschappelijkwerkster is kortdurend. Soms is een oriënterend gesprek voldoende maar soms zijn er meer gesprekken nodig. Deze gesprekken vinden plaats op school. Oudergesprekken kunnen thuis plaats vinden.
U kunt uw kind aanmelden via de Intern Begeleider(ster) van uw school. Deze neemt dan contact op met de schoolmaatschappelijkwerker (ster). Samen wordt dan gekeken naar de vervolgstappen.
Daarnaast is het mogelijk dat u zelf contact opneemt om uw kind aan te melden.

Meer weten of een afspraak maken?
Bereikbaar op telefoonnummer: 0518- 418283 (via het CJG kan ook).
Mevr. Hanneke Roelofsen en mevr. Hermine Rütter.

10.4 Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG)
In 2010 is voor de vier Middelseegemeenten het Centrum voor jeugd en gezin geopend (CJG).
Het CJG is een samenwerkingsverband tussen basisscholen,kinderopvang, peuterspeelzalen, jongerenwerk, welzijnswerk, maatschappelijk werk enz. Door deze samenwerking is er veel kennis aanwezig. Heeft u als ouder/verzorger vragen over opgroeien en opvoeden in de ruime zin van het woord, dan kunt u terecht bij het coördinatiepunt: info@cjgmiddelsee.nl Telefoon 058 2348434.
Mevr. Annelien Ellerman, de coördinator, neemt dan zo snel mogelijk contact met u op.
Natuurlijk kunt u uw vraag ook stellen aan de professional waarmee u al contact hebt (leerkracht, intern begeleider of orthopedagoog). Zij kunnen de vraag dan doorspelen of, als dat praktischer is, u meteen op de mogelijkheden wijzen.
Het CJG is er voor iedereen en is gratis. Uw gegevens worden zonder uw toestemming niet aan andere organisaties gegeven.



10.5 Hoofdluisbeleid
Iedereen kan hoofdluis krijgen. Al zorg je nog zo goed voor jezelf en was je vaak je haar, dan nog kan hoofdluis de kop op steken. Luizen hebben juist een voorkeur voor schoon gewassen hoofden. Omdat kinderen dicht bij elkaar in de buurt komen, bijvoorbeeld bij het spelen, komt hoofdluis bij hen wel vaker voor dan bij volwassenen. Binnen het gezin en op school krijgt hoofdluis veel kans om over te lopen. Om het hoofdluisprobleem onder controle te houden, is op onze school in samenwerking met de ouderraad gekozen voor een systematische aanpak. Er is een ouderwerk¬ groep hoofdluis opgericht. Deze werkgroep heeft als taak om op een aantal vaste tijdstippen, 5 of 6x per jaar (na de schoolvakanties), alle kinderen te controleren op hoofdluis. Tevens kan de werkgroep extra ingeschakeld worden in periodes dat de hoofdluis wat actiever is.
Wanneer er hoofdluis bij een kind geconstateerd wordt, zal dit niet aan het kind zelf meegedeeld worden, maar zal de coördinator van de werkgroep telefonisch contact opnemen met de ouders/verzorgers.


Hoofdstuk 11

Namen, adressen, telefoon

Directie
Bauke Waslander Arumerstaat 10
8913 GG Leeuwarden
058-8431507
Info@de-welle.nl

Intern begeleider
Doet Sijtsma- van Hijum Kobbe 51
9101 ZJ Dokkum
0519-294184
d.sijtmsa@de-welle.nl

Groepsleerkrachten
Limmie de Wilt-Heeringa De Wellen 13
9111 HP Burdaard
(0519) 33 22 42 / l.dewilt@de-welle.nl
Sybren van der Velde Eewal 51
9112 HB Burdaard
0519- 332654 / svandervelde@de-welle.nl
Greet Krol- van der Meulen It blauwe slot 32
9084 DK Goutum
058-2887418 / g.krol@de-welle.nl
Nynke de Groot- Posthumus Hereweg 49
9104 CS Damwoude
0511- 425511 / n.degroot@de-welle.nl
Melle Minnema Achterweg 10
9101 AH De Valom
0511-423528 / m.minnema@de-welle.nl
Marja de Graaf- v/d Galien Nieuwbuurt 38
9145 RL Ternaard
0519-572541 / m.degraaf@de-welle.nl
Nelly Folkertsma- Jansma Bourboomweg 15
9112 HK Burdaard
0519-332846 / n.folkertsma@de-welle.nl
Karen de Boer- Boer De Malus 185
8934 CX Leeuwarden
058- 8443293 / k.deboer@de-welle.nl
Janet van Luinen- Kuit Wilhelminastraat 30
9073 HB Marrum
06- 13275764 / j.vanluinen@de-welle.nl


Christina Ytsma Voorzitter 332360
Minne Andela Secretaris 332208
Baukje Hiemstra Penningmeester 333492
Wiebe Kingma Lid 332361
Karin Ket Lid 06 20963894
Pieter Jellema Lid 332929

Medezeggenschapsraad
Tineke Veenma Oudergeleding 332263
Liedeke Wösten Oudergeleding 332562
Greet Krol- v.d. Meulen Personeelsgeleding 058-2887418
Karen de Boer-Boer Personeelsgeleding 058-8443293

Schoonmaakster
Ida van der Wal

Algemeen directeur G3
Jaap Jansma
Beuckelaerstraat 2 (MFC Ons Huis),
9076 DA St.-Annaparochie
tel. 0518 - 400394

Bestuur PCBO Ferwerderadiel
M. Steegstra Voorzitter
P. Vellema Penningmeester
P. Veldema Lid
H. van der Schaar Lid
P. Meindertsma Lid
K. Ket Lid

Hoofdstuk 12

Groepsverdeling

Het aantal toegekende formatieplaatsen, gebaseerd op de leerlingentelling van 01-10-2010, is voldoende om te gaan werken in zeven groepen, waarvan één combinatiegroep te weten groep 5/6.

12.1 Indeling
Ma Di Woe Do Vr

Groep 1 L.J.de Wilt L.J.de Wilt L.J.de Wilt/G. Krol L.J.de Wilt L.J.de Wilt
VRIJ L.J.de Wilt L.J.de Wilt VRIJ

Groep 2 C.de Boer-Boer C.de Boer-Boer C.de Boer-Boer C.de Boer-Boer C.de Boer-Boer
C.de Boer-Boer C.de Boer-Boer C.de Boer-Boer VRIJ

Groep 3 G. Krol G.Krol G.Krol / M.Minnema M.Minnema
G.Krol G.Krol M.Minnema M.Minnema Vrij

Groep 4 M.de Graaf M.de Graaf M.de Graaf M.de Graaf M.de Graaf
M. Minnema M.de Graaf M.de Graaf VRIJ

Groep 5/6 N.Folkertsma N.Folkertsma N.de Groot N.deGroot N.deGroot
N.Folkertsma N.Folkertsma N.deGroot N.deGroot

Groep 7 S.v.d. Velde S.v.d. Velde S. v.d. Velde/ S.v.d. Velde VACATURE
S.v.d. Velde S.v.d. Velde B. Waslander/inval S.v.d. Velde VACATURE

Groep 8 B.Waslander J.van Luinen J.van Luinen J.van Luinen J.van Luinen
B.Waslander J.van Luinen J.van Luinen J.van Luinen




12.2 Wijze van vervanging bij ziekte, ADV of anderszins
Het is bijna niet meer zo dat een leerkracht, zoals vroeger, vijf dagen per week in een en dezelfde klas werkt. Velen werken parttime of hebben andere taken. Daarom zijn er vaak meerdere leerkrachten werkzaam voor een groep. We proberen dit te beperken tot maximaal twee personen voor elke groep.
Bij ziekte van een van de leerkrachten proberen we eerst of de duo-partner die dag de groep over kan nemen. Lukt dit niet, dan wordt er een invalleerkracht gebeld.
Mocht er geen invalleerkracht beschikbaar zijn en er intern geen mogelijkheden zijn om de groep op te vangen, dan kan het zijn dat er een groep naar huis wordt gestuurd. We hopen natuurlijk dat dit niet zal voorkomen en mocht het gebeuren, u tijdig in te lichten over deze maatregel!

12.3 De begeleiding van stagiaires
Op de PABO worden nieuwe leerkrachten opgeleid. Deze leerkrachten moeten op een bepaald moment stage lopen op onze school. We vinden het waardevol om stagiaires van de PABO te mogen begeleiden. Op deze manier dragen wij ons steentje bij om de school ook in de toekomst te voorzien van goed opgeleid personeel. De eindverantwoordelijkheid van de door de stagiaires gegeven lessen blijft altijd bij de groepsleerkracht.
In het vierde jaar van hun opleiding gaan de stagiaires gedurende een half jaar les geven in een groep. Dit is de LIOstage. LIO-leerkrachten hebben drie dagen per week zelfstandig een groep en krijgen daarin veel begeleiding van de leerkracht met wie ze de groep runnen. Ook maken we regelmatig gebruik van stagiaires uit het MBO. Zij volgen de opleiding tot onderwijsassistent.

12.4 Nascholing van leerkrachten
Regelmatig volgen de leerkrachten nascholingscursussen om in hun onderwijspraktijk op de hoogte te blijven van allerlei ontwikkelingen. De cursussen vinden meestal plaats buiten de schooltijden, maar soms komt het voor dat er onder schooltijd een cursus is. Als hiervoor wordt vrijgegeven, dan worden de ouders daar tijdig van op de hoogte gesteld.


Hoofdstuk 13

Belangrijke data en vrije dagen

Ma. 19 september Informatieavond groep 2, 1/2, 5/6 en 7
Do. 22 september Informatieavond groep 3, 4 en 8
Vr. 14 oktober Leerlingen groep 1 en 2 vrij
Woe. 9 november Studiedag leerkrachten groep 1 en 2, leerlingen groep 1 en 2 vrij
17 t/m 21 oktober Herfstvakantie
Ma. 5 december Sinterklaasfeest
Vr. 9 december Leerlingen groep 1 en 2 vrij
Woe. 21 december Kerstfeest
Vr. 23 december Alle leerlingen ’s middags vrij
26 dec. t/m 6 jan. Kerstvakantie
Do. 26 januari Studiemiddag personeel, leerlingen ’s middags vrij
Di. 31 januari Rapport mee
Woe 1 februari Studiedag personeel, leerlingen vrij
7 t/m 9 februari Citotoets groep 8
27 febr. t/m 2 maart Voorjaarsvakantie
Woe. 21 maart Studiedag G3, leerlingen vrij
Ma. 26 maart Âldermoarn
Vr. 6 april Goede vrijdag, leerlingen vrij
Ma. 9 april 2e paasdag, leerlingen vrij
Vr. 27 april Leerlingen groep 1 en 2 vrij
30 april t/m 4 mei Meivakantie
Woe. 16 mei Studiedag Personeel, leerlingen vrij
Do. 17 mei Hemelvaart, leerlingen vrij
Vr. 18 mei leerlingen vrij
Vr. 25 mei Sportdag
Ma. 28 mei 2e pinksterdag, leerlingen vrij
Di. 29 mei Leerlingen vrij, bij geen Elfstedentocht
Woe. 30 mei Studiedag personeel, leerlingen vrij
Vr. 6 juli Schoolreisje groep 1 t/m 8
Woe. 11 juli Personeelsdag G3, leerlingen vrij
Woe. 18 juli Rapport mee
Do. 19 juli Feestelijke afscheidsavond groep 8
Vr. 20 juli Alle leerlingen ’s middags vrij.
23 juli t/m 2 sept. Zomervakantie

* Wijzigingen voorbehouden. Eventuele wijzigingen zullen vermeld worden in de nieuwsbrief


Hoofdstuk 14

Kleuterhoekje

14.1 Het brengen en halen van de kleuters
Laat de kinderen zoveel mogelijk zelfstandig naar binnen gaan (zie stukje 14.5). De deur is vanaf 8.05 uur open.
Vervolgens doen de kinderen zelf de jas uit (en aan) en hangen de jas op. De tas gaat mee naar de klas, ze zetten de beker op het aanrecht, de tas met bakje gaat in de mand. Hierna gaan de kinderen op de stoel in de kring zitten. Ouders zijn natuurlijk van harte welkom als ze een vraag/mededeling hebben.

14.2 Het meenemen van speelgoed
De kinderen mogen op maandag en vrijdagmorgen speelgoed meenemen. We proberen te voorkomen dat dit speelgoed stuk raakt. Helaas komt het voor dat het speelgoed wordt beschadigd, het meegeven van speelgoed is dan ook op eigen risico.

14.3 Kleurplaat
Wanneer heit en mem / vader en moeder of pake en beppe /opa en oma jarig of ziek zijn, is het meestal mogelijk om (in groep 1 en 2) een kleurplaat of tekening te maken.

14.4 Trakteren
Graag zouden wij zien dat u bij het trakteren let op gezonde voeding. Graag niet te veel snoepgoed, zoals bijvoorbeeld plastic zakjes met allerlei snoep.

14.5 Zelfstandigheid
Als een kind iets zelf kan en hij / zij mag dat ook zelf doen geeft dat vaak meer zelfvertrouwen aan een kind.
Daarom zijn we er op school ook mee bezig om de kinderen te begeleiden naar een steeds groter wordende zelfstandigheid. De ontwikkeling van kinderen is niet gelijk, het éne kind ontwikkelt zich sneller dan het andere. Toch kunnen de meeste kleuters als ze vier jaar zijn wel zelf hun jas en bijv. hun schoenen aan en uit doen en zelfstandig naar de wc. gaan.
We hopen dat u als ouders dit ook thuis wilt stimuleren.

14.6 Fruit eten
Tijdens de pauzes eten de kinderen gezellig in de kring op wat ze mee hebben genomen. Geef uw kind wat gezonds mee, zoals fruit, brood, melk, e.d. Liever ook niet te veel meegeven.
Het is handig om het eten zo mee te geven dat de kinderen zich hier zelf mee kunnen redden. bijv. zelf het eten uit de tas kunnen halen, bakje open kunnen maken enz.

14.7 Gymschoentjes
Het is handig om in het speellokaal gym- of balletschoentjes (zonder veters!) aan te hebben. De kleuters krijgen dan minder snel koude voeten. Bovendien is er dan minder kans dat ze wratten krijgen. De schoentjes worden op school bewaard. Indien mogelijk graag van naam voorzien.

14.8 Ziekte
Soms is het bij kleuterziektes gewenst dat de kinderen wegens besmettingsgevaar thuisblijven. In voorkomende gevallen volgen wij de aanwijzingen van de scho